March 31, 2011


Wat een leven #54

‘Hè bah een ezel.’ dacht onze verzuurde protagonist. Marzipan had aan drie dingen een kolossale bloedhekel. Kaasfondues, lelijke stewardessen en ezels. De geur van gesmolten kaas deed hem denken aan zijn veel te vroeg overleden broertje. Waldemar was vier jaar toen hij in een kaasfondueset verdronk. Het was een fondue van Roquefort met rode port en sindsdien heeft Marzipan een broertje dood aan recreatief tafelen. In zijn geboortedorp, het West-Friese Scheerschede, woonden opvallend veel lelijke stewardessen. Ook zijn buurvrouw, Anneke van der Plag, was een misvormde luchtbutler. Haar vadsige poten zaten vol spataderen. Kronkelig en groenblauwig, ze deden hem altijd aan bloemloze rozenstelen denken. Maar eigenlijk had Marzipan een bloedhekel aan alle lelijke wijven. ‘Kijk nou eens naar jezelf. Walgelijk mens. Ik stop mijn lul nog liever in een overvolle glasbak dan dat ik hem tussen jouw monsterlijke schaamlippen prop. Homofilie is niet aangeboren er hangt gewoon een foto van jou in sommige verloskamers. GADVERDAMME!’ brulde hij dan tegen de desbetreffende draak.

Worthy

3 notes

3 Notes

  1. thymeau reblogged this from wateenleven
  2. wateenleven posted this